Have any questions? Feel free to contact us:
+1 701 378 2212
info@stylemixthemes.com

Stop de toezichtszucht: kaderloze compliance is niet hetzelfde als good governance

In deze column pleit ik voor een terugkeer naar governance in de filantropiesector zoals die ooit bedoeld was: het inrichten van toezicht en relevante checks & balances zodat bestuurders zich eenvoudig en helder aan alle stakeholders kunnen verantwoorden. Op dit moment is governance vooral verworden tot een compliance-race to the bottom; niet het “toezien op”,…

In deze column pleit ik voor een terugkeer naar governance in de filantropiesector zoals die ooit bedoeld was: het inrichten van toezicht en relevante checks & balances zodat bestuurders zich eenvoudig en helder aan alle stakeholders kunnen verantwoorden. Op dit moment is governance vooral verworden tot een compliance-race to the bottom; niet het “toezien op”, maar vooral het “voldoen aan”, is thans de norm. Die race wordt aangejaagd door de groeiende macht van toezichthoudende autoriteiten en versterkt door intermediaire dienstverleners, en van lieverlede ook door filantropische organisaties zelf. 

Aan Autoriteiten inmiddels geen gebrek meer

Agentschap Telecom, Autoriteit Consument en Markt, Autoriteit Financiële Markten, Autoriteit Persoonsgegevens, De Nederlandsche Bank, Inspectie Leefomgeving en Transport, Kansspelautoriteit, Nederlandse Emissieautoriteit, RDW, Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit, Nederlandse Zorgautoriteit, Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd, Onderzoeksraad voor Veiligheid…ik kan nog wel even doorgaan. De overheid heeft een grijze tussenwereld van toezichthouders gecreëerd; benoemd, maar niet verkiesbaar. Een wereld die elk jaar in omvang toeneemt, telkens de scope van het eigen definieerde toezicht uitbreidt en dientengevolge om al maar meer informatie, geld en handjes vraagt. Op alle deelgebieden van toezicht zien we hetzelfde gebeuren.

Toezichtszucht

Deze ‘toezichtszucht’ zet zich inmiddels voort bij banken, accountants, notarissen en zelfs bij de onder toezicht gestelde instellingen – die allemaal eigen Richtlijnen, Codes en Convenanten hebben opgesteld als gevolg van de algemene compliance-reflex. Het gevolg is dat de grote stichtingen eigen compliance-afdelingen moeten optuigen en -functionarissen aanstellen. Dat de kleinere stichtingen advies dienen in te kopen en bakken met (onbezoldigde) tijd & energie én geld (budget) kwijt zijn om maar niet uit de controlerace geduwd te worden.

Elk domein en elke uitvoerder baart zijn eigen formulieren, die zich helemaal niets aantrekken van de reeds bestaande formulieren in andere domeinen. Het resultaat van de toezichtszucht is een ondoordringbaar oerwoud aan regels, voorschriften en formulieren, vol dubbelingen en doodlopende straatjes. Een voorbeeld uit de praktijk…

Bankwissel

Een vermogensfonds wisselt van (bewaar)bank. De door de overheid en AFM ingegeven lijstjes van de nieuwe bewaarbank dicteren dat de stichting als “klein-zakelijke onderneming” moet worden gekwalificeerd, want er is sprake van een (bijna verwaarloosbare) opbrengst uit landgoedbezit sinds de jaren tachtig. Dat is een probleem, want het vermogensfonds vindt zich als filantropische organisatie alles behalve “kleinzakelijk”… en is dat ook fiscaal niet!

De compliance-afdeling komt na veel heen-en-weer met een nieuw formulier, een nieuwe intern benoemde categorie voor deze stichting, natuurlijk dus ook met het verzoek om meerdere extra handtekeningen en verklaringen van bestuurders, alvorens de bank schoorvoetend akkoord gaat en de cliënt accepteert.

Oplossing voor welk probleem?

Elke keer als er zich een probleem voordoet, is de enige oplossing die men aandraagt dus méér toezicht, veelal door middel van vooral méér (vragen)lijsten. De hamvraag, die ik in het verleden al meerdere keren heb gesteld, is: voor welk probleem is de compliance-mantra eigenlijk een oplossing? En waartoe dienen al die data? Meer regels, meer vragenlijsten en dus meer afvinken leidt evident niet tot meer integriteit of een adequate governancestructuur voor het goede doel. Compliance is geen synoniem voor Governance.

Voor alle duidelijkheid, en hopelijk ten overvloede: de intentie van good governance voor onze sector onderschrijven wij volledig: zorg dat je voor het publiek en de belastingbetaler kunt aantonen hoe je aan je geld komt en hoe prudent je het besteedt. Die accountability is echt een no brainer.

Maar hoe stoppen we de doorgedraaide toezichtszucht, die niet alleen op organisatieniveau alle zuurstof uit goed doen wegzuigt, maar ook op persoonlijk bestuurlijk niveau elk plezier om iets voor de goede zaak te doen, komt vergallen? Heeft u als bestuurder al een bestuurders- en/of persoonlijke aansprakelijkheidsverzekering? Een Verklaring Omtrent Gedrag? Bent u opgenomen in het UBO-register? Voldoet u al aan de nieuwe WBTR?

Begin een dialoog

Misschien zouden we in elk geval moeten stoppen met het borgen van onze governance middels al die eigen interpretaties van compliance, en de daaruit voortvloeiende vragenlijsten en afvinkprocedures.

Dat begint overigens voor elke organisatie met het weer durven vertrouwen op de eigen medewerkers die de initiële klant-intake doen. De felle politieke en maatschappelijke discussie over de verhouding tussen overheid en burgers, waarin een systemisch wantrouwen is geslopen, betekent dat wij ons ook in de filantropiesector moeten bezinnen op de basis van goed bestuur en toezicht. Daarbij moeten organisaties, bestuurders én hun medewerkers niet het nadeel, maar het voordeel van de twijfel krijgen.

Stop in het toezicht dus met ‘boeven vangen’. Begin een dialoog. Daarvoor zijn in de zelfregulering al bemoedigende stappen gezet, zoals door het CBF dat nu ook een beweging maakt naar kwalitatief toezicht. Begin weer eens met elkaar te praten in hoor en wederhoor, zonder de botte bijl op tafel of een geslepen jurist eronder. Werk aan een cultuur van kwalitatieve beoordeling met het voordeel van de twijfel als uitgangspunt. Stop met communiceren in kolommen of praten in louter lijsten en vinkjes. Leer luisteren naar wat al die maatschappelijk bevlogen burgers proberen te bereiken.

Als we dit tij niet keren, dan resteert vooral een chronisch tekort aan welwillende bestuurders als ook steeds minder geld om te besteden aan al die goede initiatieven die door tienduizenden fondsen en stichtingen in Nederland jaarlijks ondersteund worden. In een volgende column ga ik verder in op het inrichten van toezicht en relevante checks & balances zodat bestuurders zich eenvoudig en helder aan alle stakeholders kunnen verantwoorden.

Roderik Bolle, managing director Orchestra


Raad & daad

Wilt u weten welke hoe wij uw organisatie kunnen ontzorgen met governance, administratie en beheer, o.a. met behulp van ons veilige online platform ‘Mijn Orchestra’? Neem rechtstreeks contact op met Roderik Bolle, managing partner van Orchestra: r.bolle@orchestra-contact.com

Auteur: Orchestra